Abu al-Ala al-Ma’ari (Aleppo, 973-1058)

25 jun

Ook islam kende vrijdenkers:

‘Of all the doctrine that I have heard
My heart has never accepted a single word’.

– Abu al-Ala al-Ma’ari (Aleppo, 973-1058), geciteerd door Tariq Ali, The Clash of Fundamentalisms, 2002

(Zijn standbeeld ik Aleppo werd enkele jaren geleden alsnog door islamisten van IS onthoofd. De schoften.)

Socialistische liberalen (2005)

4 mei

Het onderstaande stukje schreef ik in 2005. Het heeft nooit veel weerklank gekregen maar toch is het mij dierbaar. Daarom plaats ik het. KM, 4 mei 2019

Socialistische liberalen

Kaspar Mengelberg, Amsterdam

Zorgverzekeraars Nederland (ZN) wil volgens MedNet Magazine nummer 8 (6 mei 2005) dat het College Tarieven Gezondheidszorg-Zorgautoriteit i.o. (CTG) “duidelijk grenzen gaat stellen aan de marktwerking”. Omdat wat betreft de huisartsenzorg “eerder sprake is van schaarste dan van overcapaciteit” moet het CTG volgens de verzekeraars “duidelijk de grenzen aangeven van het marktgedrag van de zorgaanbieders”.

In de context van het vastgelopen conflict tussen ZN en de huisartsen kan dit niet anders betekenen dan beperking van de vrijheid van de huisartsen om in contractonderhandelingen met verzekeraars de vergoeding te vragen die zij wenselijk vinden. Met andere woorden, het gaat hier om een variant op de wettelijke prijsstop. Uiteraard preludeert ZN hierbij ook op komende contractonderhandelingen met andere zorgaanbieders, waaronder psychiaters en psychotherapeuten.

In feite is al lang sprake van een wettelijk prijzendictaat van de Staat in de gezondheidszorg: de hoogte van de artsentarieven wordt sinds jaren door de overheid via het CTG gemaximeerd op basis van de Wet Tarieven Gezondheidszorg. Deze wet verwijst naar strafbepalingen in de Wet op de Economische Delicten.

Niets nieuws onder de zon dus, behalve dat het muilkorven der (huis)artsen nu door ZN in het kader van vastgelopen contractonderhandelingen wordt bepleit. En wel door een vooraanstaand lid van de Vereniging voor Vrijheid en Democratie, Wiegel. Zijn beoogde muilkorver heet de Grave (VVD), baas van het CTG. Diens chef, de hoofdmuilkorver dus, heet Hoogervorst (VVD), minister. Ik neem aan dat zijn partijgenoot mevrouw Iris van Bennekom, directeur van de Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie (NPCF) weinig bezwaren zal hebben tegen een rol als bijmuilkorfster.

De VVD noemt zich liberaal en niet socialistisch.

De eerste zin in de Encyclopedia Britannica (2005) over “socialism” luidt: “System of social organization in which property and the distribution of income are subject to social control rather than individual determination or market forces.”

De Nederlandse gezondheidszorg-economie is “subject to social control”, onderworpen aan democratische politieke en maatschappelijke beheersing. Voor velen is dit vanzelfsprekend, tot een paar jaar geleden voor mij ook.

Ik ging toen met mijn lieve katten naar de dierenarts en was onaangenaam verrast door de rekening voor vier vaccinaties. Hij vroeg een veelvoud van wat ik in dezelfde tijd kon verdienen. Ik belde hierover met de Koninklijke Maatschappij voor Diergeneeskunde, om tot mijn verbazing te horen dat de dierenartsen geen (vaste) tarieven kennen. Zelfs geen adviestarieven. Mijn veterinaire collegae kunnen vragen wat zij willen. Ik was niet blij met de rekening, maar ik ben bij deze dierenarts gebleven.

Met andere woorden, de diergeneeskunde is niet “subject to social control”. De prijzen voor de verrichtingen worden aan “individual determination or market forces” overgelaten. De gemeenschap heeft in politieke zin geen bemoeienis met de prijsvorming van de katten- en hondendokters. Ik dacht, ik ben een (werk)ezel, was ik maar ezeldokter geworden.

Kun je zeggen dat de inrichting van de Nederlandse mensengeneeskunde socialistisch is of socialistische trekken heeft, in vergelijking tot die van de dierengeneeskunde? En dat laatstgenoemde volgens liberale principes functioneert? Het lijkt mij evident dat beide vragen bevestigend beantwoord moeten worden.

Kun je ook stellen dat Wiegel’s pleidooi voor een wettelijke belemmering in de onderhandelingsruimte van de huisartsen past in een systeem van “distribution of income … subject to social control”? Of past dit in een liberaal gedachtegoed? Het lijkt mij evident dat het eerste juist is.

Met andere woorden, Wiegel’s pleidooi is socialistisch van aard. De Nederlandse geneeskunde is bestuurlijk-politiek en financieel in velerlei vormen en op velerlei gebieden sinds lang socialistisch ingericht, “subject to social control”. Voorbeelden te over. Zoals de massale geldoverdracht van “rijk” naar “arm” via verschillen in premiebetaling en eigen bijdragen in het zogenaamd onverzekerbare “eerste compartiment”, in de AWBZ(-voorzieningen). Voor precies hetzelfde verpleeghuisbed waarin men democratisch en onnodig uitdroogt en uithongert (30% volgens Prof. Dr. J. Schols, hoogleraar chronische zorg) en daardoor wellicht eerder doodgaat betaalt “rijk” (vrijwel) levenslang het maximum te weten ruim € 4.000 premie per jaar, “arm” niets tot aanzienlijk minder (13% van het premie-inkomen box 1, http://www.belastingdienst.nl ). Wie “arm” en “allochtoon” is, een combinatie die helaas nogal eens voorkomt, betaalt veelal gedurende aanmerkelijk minder (verblijfs)jaren dan levenslang. Voor hetzelfde bed. Eenmaal daarin aangeland is de inkomensafhankelijke “eigen bijdrage” daarvoor aan de orde. “Rijk” betaalt € 1.700 per maand (maximum), “arm” minder tot niets. De wettelijke inners van de eigen bijdragen brengen deze zelf in mindering op (veelal) de AOW-uitkering of loon, buiten de betrokkene om. Zij hebben daartoe de bevoegdheid. Is deze vorm van “distribution of income” nu wel of niet “subject to social control”, wel of niet socialistisch van aard?

Ter zijde: een oude dame uit het vroegere Oost-Berlijn vertelde mij dat zij zich in de DDR-tijd zorgen had gemaakt over haar eigen begrafeniskosten. “Darüber brauchen Sie sich gar keine Sorgen zu machen, das hohlen wir uns selber von der Bank”, zo hadden de stedelijke bureaucraten haar gerustgesteld. “Im realen Sozialismus”.

Een door de Staat in meerdere of mindere mate gestuurde en geplande economie wordt in meerdere of mindere mate bepleit vanuit socialistische optiek, liever gezegd vanuit een socialistische economische visie in de gebruikelijke zin des woords.. Planeconomische opvattingen inclusief anti-inflatoire wettelijke prijsstops bepaalden de economische politiek in het nationaal-socialisme en in de systemen die zich achter het IJzeren Gordijn bevonden. Laatstgenoemde systemen hadden in werkelijkheid met communisme (=gemeenschappelijk eigendom van grond en productiemiddelen) of zelfs maar socialisme slechts de jure maar feitelijk niets van doen. Zie: Moshe Lewin: Le siècle soviétique, 2003, Fayard-Le Monde Diplomatique, 526 p., origineel Russia’s Twentieth Century, 2003, Columbia University Press. Daar profiteerden de politieke en economische elites (nomenclatura) in werkelijkheid van de eigendomsrechten. Het volk zelf niet of in elk geval in mindere mate. Dat had niks in te brengen, van “social control” dus van socialisme was dus ook geen sprake.

Een planeconomische opvatting, met staatsgecontroleerde prijzen en staatsgecontroleerde economische ontwikkeling, staat in tegenstelling tot een liberale economische opvatting. In laatstgenoemde visie passen vrije prijzen in de zin dat de prijsvorming aan de verhoudingen tussen vraag en aanbod (=markt) wordt overgelaten. Een economisch (of anderszins) dirigistische staat past niet in de liberale denkwijze in de ware zin des woords.

In grote lijnen (en oorlog of grote crises uitgezonderd) klopt de gelijkstellingen planeconomie, anti-inflatoire prijspolitiek, prijsmaximering = socialisme. Eveneens de gelijkstelling markteconomie, vrije prijzen = liberalisme. Er zijn belangrijke uitzonderingen. Het anarchisme, door velen gezien als een variant van socialisme, is tegen een dirigistische staat. Het is wellicht beter het anarchisme tot variant op het liberalisme te rekenen. De verschillen tussen socialisme en liberalisme komen tot uitdrukking door de accenten die zij op de eerste twee van de drie concepten uit de Franse revolutie leggen, namelijk Liberté, Egalité, Fraternité.

In Hitlers Volksstaat (zie Hitlers Volksstaat, Raub, Rassenkrieg und nationaler Sozialismus, Götz Aly, 2005, S. Fischer Verlag, 444 p.) profiteerde 95% van het Duitse volk, de Volksgenossen, in tegenstelling tot in de ex-communistische landen, wel degelijk van de vruchten der op de gemeenschap gerichtte (=socialistische) staatshuishouding. Het overgrote deel van de Duitse bevolking heeft van 1933 tot 1945 nooit een cent extra belasting voor bewapening en oorlogvoering hoeven te betalen, terwijl beiden extreem kostbaar waren en gigantische staatsschulden veroorzaakten (“Steuermilde für die Massen”). Slechts de beter verdienenden en de bedrijven betaalden meer belasting (“Steurerhärte gegen die Bourgeoisie”). Speciale categorieën onder de bezittende klasse, waaronder de huiseigenaren-woningverhuurders, werden fiscaal extra hard aangepakt. Huurverhogingen waren verboden, beiden tot tevredenheid van de hurende massa. Overwerk werd (en wordt tot de dag van vandaag) belastingvrij uitgekeerd. Het ging de Duitsers onder Hitler economisch zeer goed, dankzij de prijsstops die in het kader van de anti-inflatoire nationaal-socialistische planeconomische politiek waren uitgevaardigd. Duitsers kregen voor het eerst wettelijk recht op twee weken vakantie per jaar, verplicht ouderdomspensioen en een verplichte ziektekostenverzekering. Tussen haakjes, ook de Nederlandse (verplichte) ziekenfondsen zijn een overblijfsel uit de Tweede Wereldoorlog. De gezinnen van Duitse soldaten te velde werden economisch voortreffelijk verzorgd, veel beter dan in de geallieerde landen. De soldijen van de in het bezette Europa gestationeerde militairen waren goed, overigens betaald vanuit de economieën van die bezette landen. Men kon zich goed en goedkoop kleden en inrichten door ten behoeve van de Staat geveild (geroofd) Joods bezit, voor weinig geld te koop. Enzovoort, enzovoort. Kortom, het overgrote deel van de Duitse bevolking voelde zich in vele opzichten en lange tijd (tot diep in de oorlog) goed verzorgd door de nationaal-socialistische staat. In feite was sprake van socialisme voor de meerderheid door roof en roofmoord, in de eerste plaats op de Duitse Joden en later de Europese Joden. In de tweede plaats van roof uit de bezette gebieden. De nationaal-socialistische machthebbers verwierven door hun ook expliciet socialistische politiek, met hulp van een aanzienlijke grotendeels jonge deels geleerde en ambitieuze bureaucratische elite, de welwillendheid van, nogmaals, ongeveer 95% van de Duitse bevolking. Deze liet zich medeplichtig maken aan moord en roofmoord.

Volgens Aly is bij veel kopstukken onder de nationaal-socialisten ook biografisch een socialistisch-communistisch engagement of ten minste sympathie aanwezig geweest (bijvoorbeeld bij Eichmann). Er is reden om realistisch en somber te zijn over de aard van de menselijke soort: “Erst kommt das Fressen, dann die Moral” ( Dreigroschenoper, Kurt Weill en Bertolt Brecht). Marxistisch uitgedrukt: het maatschappelijke zijn is primair, de ideologie secundair.

Ik meen (na lezen van het boek van Aly) dat de nationaal-socialistische massamoord onbegrijpelijk blijft wanneer men het uitdrukkelijk socialistisch karakter van het Nazi-regime niet onder ogen wenst te zien. Aan de sympathie van de meerderheid van de Duitse bevolking, na liquidatie van politieke oppositie, ontleende het de mogelijkheid zich lange tijd te handhaven. Schokkend maar waar. Sterker, de massamoord op Joden en zelfs de expansionistische oorlogvoering blijft onbegrijpelijk wanneer men het socialistische karakter van de nationaal-socialistische staat uit het oog verliest. De nationaal-socialisten wilden de massa’s niet belasten door geldverslindende oorlogsvoorbereiding en oorlogvoering. Zij hadden de steun van de massa’s nodig. Dus moesten zij de tekorten financieren door roof en roofmoord. Dit was voor mij de eye-opener uit het boek van Aly. Socialisme op basis van roof(moord).

Het woord Nazi is een scheldwoord. Dat wist ik tot voor kort niet. Nazi’s zelf gebruikten het dus niet. Zij noemden zichzelf national-sozialisten. Zou het woord Nazi in gebruik zijn geraakt om het woord socialisme in verband met het bruine verleden uit te bannen?

Met het bovenstaande wil ik de vele fatsoenlijke en democratische socialisten uiteraard niet belasteren. In een democratische staat met vrije verkiezingen en het vrije woord is het vanzelfsprekend een goed recht om herverdeling van eigendom en inkomen te bepleiten en, bij meerderheid van stemmen, door te voeren. Ik heb het goed recht om kritiek te hebben wanneer dit naar mijn idee te ver wordt doorgevoerd. Ik vind dat socialistische principes in de gezondheidszorg veel te ver zijn doorgevoerd. In het algemeen vind ik marktsturing zo gek nog niet. Ik ben voor markt , tenzij…. maar dan voor een echte markt, en niet voor een halfhartige hybride zoals die nu wat betreft de Nederlandse gezondheidszorg wordt voorgesteld.

Ik kan mij dan ook niet verenigen met de leus “Zorg Geen Markt”.

Tegenover markteconomie staat planeconomie, een in wezen socialistisch concept. Planeconomie is zonder meer of minder beheersende en dus ook meer of minder verstikkende bureaucratie ondenkbaar. Het maakt mij niet uit of de leiding daarvan lid is van de Partij van de Arbeid, het Christen Democratisch Appel (zoals vele jaren het geval is geweest), de Vereniging voor Vrijheid en Democratie (zoals nu) of de Socialistische Partij (wellicht in de toekomst). Ik heb teveel narigheid van planeconomische gezondheidszorgopvattingen ondervonden. Ook uit het oogpunt van het algemeen welzijn acht ik deze kortzichtig. De misère in de gezondheidszorg wordt voor een overwegend deel veroorzaakt door de ontmachting van de artsen en de kneveling van hun vrijheid tot (economisch) handelen. Het algemeen welzijn is gebaat bij vrije onderhandelingen tussen artsen en hun natuurlijke zakelijke partners, de patiënten (en niet de verzekeraars). Dit leidt tot empowerment, om dit woord maar eens te gebruiken, van beiden, dus ook van mij.

Zonder twijfel zal Wiegel c.s. trachten zijn branche wettelijk te laten protegeren. Dit doet echter aan het wezenlijk socialistische karakter van het pleidooi van ZN niets af.

Kaspar Mengelberg, psychiater, 3 juni 2005

Over Twittercensuur / On Twitter censorship

11 mrt

Twitters censorship is in contradiction with the First Amendment of the U.S. Constitution (https://constitution.findlaw.com/amendment1.html), the Dutch Grondwet (constitution) artikel 7 (https://bit.ly/2LjkCAy) and the European Convention on Human Rights article 10 (https://www.echr.coe.int/Documents/Convention_ENG.pdf).

The Universal Declaration of Human Rights states in Article 19: Everyone has the right to freedom of opinion and expression; this right includes freedom to hold opinions without interference and to seek, receive and impart information and ideas through any media and regardless of frontiers (http://www.un.org/en/universal-declaration-human-rights/).

Fundamental and constitutional rights not only have effect in the relation of the state and private parties (vertical effect) but are also applicable in relations between private parties (horizontal effect).

It is a contradiction that freedom op expression is a fundamental and constitutional right in the West, and that its rulers in power and the state limit this freedom, or condone private parties to do so.

Germany has its Netzwerkdurchsetzungsgesetz (Network Enforcement Act), punishing social media tolerating e.g. hate speech with millions in financial penalties. The Bundesverband Deutscher Zeitungsverleger (German Newspaper Publishers’ Association) writes of state-censorship delegated to ‘private media police’, usurping the role of in-court proceedings (https://bit.ly/2Llspht).

The European Commission states that the importance of ‘resilient democratic processes’ and ‘protection of European values and security’ [sic] necessitates its struggle against ‘disinformation online’ in general and ‘intentional disinformation aimed at influencing …immigration policies’ in particular (https://bit.ly/2vQgggl).

Suspension by Twitter not only abridges the freedom of expression. It also reduces substantially the possibilities and rights of being informed. Media often make use of links to tweets. If suspended, these cannot be seen or read.

Kaspar Mengelberg 11 maart 2019

Als je bang bent kan je niet goed nee zeggen

20 feb

Interview met Kaspar uit 2015

https://www.marysjabbens.nl/blog/als-je-bang-bent-kan-je-niet-goed-nee-zeggen/

 

Bizarre gang van een brief aan Twitter

15 feb

Onderstaande brief, waarin ik mijn adresgegevens heb weggelaten, schreef ik eerst aan het Amsterdamse adres van Twitter Netherlands BV (Barbara Strozzilaan 201, 1083 HN Amsterdam). Ik kreeg de brief ongeopend retour.

Vervolgens raadpleegde ik de website van Kamer van Koophandel.  Deze leerde dat Twitter Netherlands BV te Arnhem op het onderstaand adres (p.a. Kamer van Koophandel) is gevestigd. Aldus wijzigde ik de adressering van mijn brief.

Vervolgens ontving ik een e-mail van een functionaris van de Kamer, waarin deze schreef:

‘Ik heb uw brief d.d. 8-2-2019 ontvangen.
U hebt de brief naar ons adres gestuurd (kantooradres KvK) omdat Twitter Netherlands B.V. op dit adres staat geregistreerd. (…)
Uw brief is dus wel ontvangen maar niet door Twitter Netherlands B.V.’

Ik antwoordde:

‘Uit de bijlage, ontleend aan de Kamer van Koophandel, moet ik afleiden dat Twitter Netherlands BV niet is opgeheven, in Nederland gevestigd is, in Nederland rechtspersoonlijkheid bezit, en dus ook in Nederland aansprakelijk kan worden gesteld.

Ik verzoek u dan ook om mij het vestigingsadres van Twitter Netherlands BV in Nederland (of daarbuiten) te verstrekken. Zodat ik mij daartoe in de Nederlandse taal kan wenden en conform Nederlands recht mijn recht tot gelding kan (doen) brengen’.

Zijn e-mailreactie hierop was:

‘…Wij hebben op dit moment géén Nederlands adres van Twitter voor u, simpelweg omdat dat niet (meer) bekend is….’.

Bizar.

KM 15 februari 2019

 

Kaspar Mengelberg, psychiater en psychotherapeut
(….)

AANTEKENEN
Twitter Netherlands B.V.
P/a Kamer van Koophandel
Kronenburgsingel 525
6831GM Arnhem

Betreft: @devrijepsych

8 februari 2019

Mijne dames en heren,

Gaarne vraag ik uw aandacht voor het volgende.

1.Tot mijn verbazing en ongenoegen heeft Twitter mijn deelname onder bovengenoemde accountnaam met ingang van 10 november 2018 geschorst vanwege een tweetal door mij geplaatste berichten in welke ik mij (kort samengevat) beledigend of haatdragend zou hebben geuit en tot geweld zou hebben opgeroepen. Van belediging, haat of enige oproep tot geweld is evenwel geen sprake. Naar aanleiding van terroristische aanslagen op inwoners van Israël met dodelijke afloop heeft de Israëlische luchtmacht aanvallen op de verantwoordelijke groepering(en) uitgevoerd. Déze hebben mij aanleiding gegeven om tweets te plaatsen in bewoordingen als: “Hit them! Hit them hard!”. De reden voor deze tweets ligt in het verleden. Een deel van mijn familie is in de tweede wereldoorlog slachtoffer van lieden geworden die men heden ten dage, terecht, als “terrorist” aanmerkt. Het gaat dus om menselijkerwijze gesproken volstrekt begrijpelijke berichten die, zoals gezegd, op geen enkele wijze de grenzen van het toelaatbare overschrijden. In tegendeel.

2.Ik heb meerdere malen verzocht om de blokkade op te heffen maar zonder inhoudelijke reactie. Mede met inachtneming van de nagenoeg dagelijkse talloze tweets die uiterst grensoverschrijdend zijn is de blokkade voor mij onbegrijpelijk. Overigens allerminst voor mij alleen, gezien de talloze steunbetuigingen die op Twitter zijn geplaatst, waaronder berichten van een aantal juristen.

Het is niet aan twijfel onderhevig dat, gelet op de talloze grensoverschrijdingen op Twitter terwijl mijn tweets die tot schorsing van mijn account hebben geleid op geen enkele wijze als oproep tot geweld (of andere grensoverschrijding) mogen worden aangemerkt, Twitter met betrekking tot het recht van vrije, openbare, meningsuiting met meerdere maten meet. Ik wens de schorsing nu, eindelijk, ongedaan gemaakt te zien en verzoek u nogmaals mij binnen 24 uur te berichten dat u aan dit verzoek, onvoorwaardelijk, gevolg geeft.

Voorts het volgende.

3. Ik verzoek u mij binnen twee dagen na heden volledige opgave te doen van de door u over mij vastgelegde en verwerkte persoonsgegevens. Wellicht ten overvloede maar volledigheidshalve verwijs ik naar de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG); meer in het bijzonder naar artikel 15.

4. Voorts ontvang ik binnen de hierboven genoemde termijn gaarne een volledige opgave van de redenen die tot uw schorsingsbesluit ten aanzien van mij hebben geleid bij welke gelegenheid ik tevens graag verneem of uw besluit ten aanzien van mij geautomatiseerd tot stand is gekomen. Indien dit laatste het geval is, verzoek ik u mij een nieuw, niet geautomatiseerd gecreëerd, besluit te sturen. Ik verwijs naar artikel 22 van de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG).

Indien u niet, binnen de gestelde termijn(en), aan mijn verzoeken voldoet acht ik mij verder vrij het alsdan nodige te (doen) ondernemen. Het zou te betreuren zijn indien het zover zou komen.

Hoogachtend,
K. Mengelberg

Salafisme in Nederland

13 feb

Het proefschrift Institutionele reproductie van salafistische jongeren in Nederland (2018) van Dr Mohammad Taghi Nazar Soroush concludeerde verontrustend.

(https://www.scribd.com/document/398068199/Institutionele-Reproductie-Van-Salafistische-Jongeren-in-Nederland-PhD-Thesis-2018)

De Directie Samenleving en Integratie van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid gaf (dus?) opdracht tot nieuw geruststellender onderzoek, Salafisme in Nederland belicht (2019), dat op 12 februari 2019 werd gepubliceerd.

Wat blijkt? ‘Dé Nederlandse salafist bestaat niet’.

(https://www.verwey-jonker.nl/nieuws/tijd-voor-een-nieuwe-blik-op-salafisme-in-nederland)

Politiek correcte klus geklaard, naar het lijkt.

En verder?

(https://www.verwey-jonker.nl/doc/2018/118006_Salafisme_in_Nederland_belichten_SV_WEB.pdf)

Kaspar Mengelberg 13 februari 2019

Koppen van hetzelfde monster

31 jan

Edward Bernays (1891−1995), dubbel geparenteerd aan Freud,  grondlegger van moderne propaganda, eufemistisch wel als ‘public relations’ aangeduid, schrijft in zijn boeken Crystallizing Public Opinion (1923), Propaganda (1928) en kortere verhandeling The Engineering of Consent (1947) dat ‘studying the public’ hierbij nodig is. Voor commerciële en politieke doelen.

Veelvormige privacydoorbreking levert gegevens over het publiek. Bernays zou een dansje rond zijn graf maken, anno 2019. Zie http://www.spui25.nl/gedeelde-content/evenementen/evenementen/2019/01/privacy-achterhaald-eigen-schuld.html en https://www.platform-investico.nl/dossiers/privacy-op-de-werkvloer/

Privacyschending, censuur, onterecht diskwalificeren van ‘fakenews’ en onjuistheid en onvolledigheid in reguliere media (‘msm’) zijn koppen van hetzelfde monster. Het gaat om macht. Macht over meningen en handelingen. Ten dienste van kapitaal en beleidselites. Als ik mij niet vergis.

KM, 31 januari 2019

 

Crystallizing Public Opinion (1923): Crystallizing-Public-Opinion

Propaganda (1928): Propaganda

The Engineering of Consent (1947) Engineering of consent Lees verder